Cookiebeleid
Deze website maakt gebruik van cookies. Om meer te vernemen over het gebruik van deze cookies, klik hier. Als u verder surft, geeft u Medical Diet Center toelating om deze cookies te gebruiken. Opgelet, het blokkeren van bepaalde cookies verhindert het correct functioneren van de website.

Extra

Vitamine D, een pleiotroop hormoon

Tussen definitie en elementaire eigenschappen
Eerst en vooral is de term vitamine D niet correct. Een vitamine (vitale amine) is per definitie een stof die het lichaam nodig heeft voor een normale werking, maar die het niet zelf kan synthetiseren en dus van buitenaf moet halen. In bepaalde omstandigheden kan het lichaam echter wel vitamine D synthetiseren. We zouden dus beter spreken van ‘pleiotroop hormoon'.

Een tweede belangrijk element: vitamine D is lipofiel (lost niet op in water) en moet dus, via de voeding of voedingssupplementen, worden ingenomen tijdens een maaltijd die een minimum aan vet bevat.
Vitamine D kan van endogene of exogene oorsprong zijn. Het zit in bepaalde voedingsmiddelen (in zeer kleine hoeveelheid) en het lichaam kan vitamine D enkel synthetiseren bij blootstelling aan de uvb-stralen van de zon, op voorwaarde dat er geen zonnecrème is aangebracht. Dat is overigens niet meer te verdedigen. De enige voedingsmiddelen die veel vitamine D bevatten zijn levertraan, verse wilde zalm, roze zalm in blik, paling en sardines.

Een kort historisch overzicht
Vitamine D zou al meer dan een miljard jaar bestaan (nog voor het verschijnen van de mens). Het zou eerst hebben gediend als uv-capterende stof bij cyanobacteriën (in de celmembraan). Daarna is vitamine D gaan fungeren als permease voor calcium en de vorming van het exoskelet. In 1920 werd ontdekt dat vitamine D in levertraan rachitis voorkomt/behandelt. In 1937 werd ontdekt dat 7-dehydrocholesterol in de huid wordt omgezet in vitamine D.

Synthese
Voor de synthese van vitamine D moet aan meerdere voorwaarden worden voldaan: voldoende cholesterol (opletten dus voor statines die de synthese van vitamine D zouden kunnen verminderen), een heldere huid, een goede werking van de lever en de nieren, voldoende biologisch beschikbaar beschikbaar ijzer, geen intoxicatie door zware metalen (cytochroom P450 heeft ijzer nodig) en goed werkende mitochondria.

Optimale bloedspiegel (gezondheidswaarde- en vitamine D-tekort
Wat betreft de hoeveelheid die beschermt tegen allerlei ziektes, moeten we onze kennis bijstellen. Vroeger dachten we dat 30ng/ml zou volstaan, wat niet het geval is. Intussen weten we dat vitamine D meespeelt bij bepaalde metabole aandoeningen en dat het beter is om de bloedspiegel te optimaliseren: < 50ng/ml = tekort, 50-70ng/ml = optimaal, 70-100ng/ml bij kanker en hart- en vaataandoeningen, > 100ng/ml = te veel. In de praktijk zien we enkel vitamine D-tekorten en zeer zelden een spiegel van meer dan 100ng/ml.

De huid vormt zeer weinig vitamine D (fotosynthese) en een donkere huid vormt zelfs geen. Om een correcte bloedspiegel te verkrijgen, moet er bovendien aan meerdere voorwaarden worden voldaan. Er bestaat een genetisch polymorfisme van de receptor voor vitamine D, VDR genoemd (dat betekent dat elk individu zijn eigen absorptiecapaciteit heeft), maar ook een genetisch polymorfisme van de vitamine D-transporter. De mensen vertonen zeer vaak een tekort aan ijzer, magnesium en vitamine A (die inwerkt op de dimere intranucleaire receptor voor vitamine D).
Tussen 80% en 90% van de hoeveelheid vitamine D (25-hydroxyvitamine D) in het bloed is gebonden aan DBP (vitamine D-bindende proteïne), die zelf in de lever wordt gesynthetiseerd, en 10-15% aan albumine. Enkel de vrije fractie, die wordt geraamd op 0,03% is actief.

In het bloed meten we de totale hoeveelheid. Als je weet dat het aantal vitamine D-receptoren vermindert met de leeftijd, dat het duodenum en het jejunum hooguit 20% van de hoeveelheid vitamine D in de darmen absorberen, dat er voldoende maagzuur moet zijn (opletten dus met protonpompremmers en met leeftijdsgebonden hypochloorhydrie), dat er een optimale microbiota moet zijn en … niet te veel stress, begrijp je meteen waarom vitamine D-deficiëntie zo frequent is. 

In een volgend artikel zullen we zien waarom toevoeging van vitamine K2 (in bepaalde omstandigheden) aan vitamine D-supplementen interessant kan zijn om weke-delenverkalking tegen te gaan.
Naar schatting zouden wereldwijd meer dan 1 miljard mensen te weinig vitamine D hebben. Uit de SuViMax-studie bleek dat 78¨van de vrouwen en 90% van de 75-plussers een vitamine D-tekort had.

Werking op meerdere niveaus
Vitamine D speelt mee in tal van metabole wegen, die we hier zullen beschrijven. Maar wat we moeten onthouden, is dat we, zelfs in 2019, nog altijd niet alle functies van vitamine D hebben ontrafeld.

Botmetabolisme
: we weten dat vitamine D in geval van een tekort dus belangrijk is bij osteoporose, ostemalacie en rachitis. Bij osteoporose moet ook het PTH bepaald worden, want de PTH-spiegel volgt het serumcalcium. Een hoge PTH-spiegel kan wijzen op een ongunstig genetisch polymorfisme van de vitamine D-receptor of een primaire of secundaire hyperparathyreoïdie.

Spieren: de prestaties van de spieren correleren direct met de vitamine D-spiegel. Vitamine D heeft een trofisch effect op de mitochondria en hoe meer oxidatieve stress, des te lager is de vitamine D-spiegel. Vitamine D bepaalt de kwaliteit van de spiercontractie. Botfracturen zijn vaker te wijten aan een slechte kwaliteit van de spieren dan aan een slechte kwaliteit van het bot. Een optimale vitamine D-spiegel is dus vereist om het risico op vallen en botfracturen te verkleinen.

Darmen: vitamine D heeft een gunstige invloed op de toll-4-receptoren (ontstekingsreceptoren) en vermindert zo het ontstekingsproces. Het is ook belangrijk voor de barrièrefunctie van het epitheel. Vitamine D-tekort heeft voorts negatieve invloed bij de ziekte van Crohn, colitis ulcerosa, het prikkelbaredarmsyndroom en leververvetting. 

Hart en bloedvaten: vitamine D remt de ontwikkeling van hart- en vaataandoeningen af, verbetert de kwaliteit van de hartspier (in die mate dat vitamine D wordt aanbevolen na een infarct) en zou ook helpen bij het controleren van de bloeddruk en tegen het optreden van hartfalen.

Bij vitamine D-tekort neemt de oxidatieve stress toe, wat negatieve effecten heeft op het hele metabolisme. Het is dan ook niet verwonderlijk dat vitamine D-tekort de veroudering van de cellen in de hand werkt.

Immuunsysteem: vitamine D kan worden gezien als een vitamine van ‘tolerantie’. Als immuuncellen bezitten immers receptoren voor vitamine D, zowel die van het aangeboren als die van het adaptieve immuunsysteem. Vitamine D verhoogt de T-regulerende lymfocyten en vermindert dus de ontsteking. Het gaat de vermenigvuldiging van virussen (het griepvirus bijvoorbeeld) en bacteriën tegen. 

Meerdere publicaties in vermaarde internationale tijdschriften hebben meestal in vitro aangetoond dat vitamine D nog andere effecten heeft, zoals:

  • vermindering van de gevoeligheid van de pneumocyten voor het ontstaan van astma; antitumorale werking op de longen, de borsten en meer in het algemeen via een effect op P21 en P27 ; 
  • een effect op de symptomen van autisme; 
  • in de huid: gunstige invloed bij atomische dermatitis, acne, vitiligo, de wondheling, psoriasis en zona; 
  • in de hersenen: effect op cognitieve en affectieve functies en antidepressieve en antipsychotische werking, ‘bescherming’ tegen de ziekte van Alzheimer, de ziekte van Parkinson en dementie; 
  • in de pancreas: vitamine D zou positieve effecten hebben bij type 1 – en type 2 diabetes; 
  • bij auto-immuunziekten: positief effect op vitiligo, multiple sclerose, reumatoïde artritis, lupus, guillain-barrésyndroom, inflammatoire plyradiculopathie; 
  • op gynecologisch vlak: ‘bescherming’ tegen pre-eclampsie, het polycysteusovariumsyndroom en onvruchtbaarheid; 
  • bij andere ziekten zoals allergieën, chronische vermoeidheid, fibromyalgie, hiv-infectie, metabool syndroom, neurodermatose enz. zou vitamine D-tekort een negatieve of verergerende factor zijn.

3% van de genen wordt gecontroleerd door vitamine D (via epigenetische mechanismen). 

Veld en gevarieerde oorzaken van vitamine D-deficiëntie 

De belangrijkste oorzaken van vitamine D-tekort zijn: zeer weinig blootstelling aan de zon (wonen boven een breedtegraad van 35°, alles wat ten noorden van Madrid ligt, van oktober tot maart), een gepigmenteerde huid, gebruik van zonnecrème, obesitas (vitamine D wordt opgeslagen in het vetweefsels; daarom moet de dosering bij zwaarlijvige mensen worden verhoogd), ouderdom, een sedentair leven, een leven binnenshuis (woon- en zorgcentrum, ziekenhuis enz.), meerdere zwangerschappen, leverproblemen of bypass, intestinale malabsorptie (cholecystectomie enz.) en gebruik van bepaalde geneesmiddelen (rifampicine, glucocorticosteroïden, anti-epileptica). 

We moeten vermelden dat genisteïne, een bestanddeel van soja, de afbraak van vitamine D vermindert en het aantal vitamine D-receptoren verhoogt (al onze cellen bevatten dergelijke receptoren). 

Overal voorkomend en multifunctioneel 

Vitamine D is essentieel voor de gezondheid. Nu wordt aangenomen dat een hele reeks aandoeningen te wijten is aan of in de hand wordt gewerkt door vitamine D-tekort. Het is echter moeilijk uit te maken in welke mate het vitamine D-tekort een oorzaak dan wel een gevolg van die aandoeningen is. Het is evenwel erg waarschijnlijk dat vitamine D-tekort effectief de oorzaak of één van de oorzaken is bij de pathogenese van die ziekten.



Alle artikels